From 1 - 10 / 13
  • De laag geeft het onderzoeksareaal weer waarvoor een certificaat van herkomst is toegekend door de dienst, bevoegd voor Natuurlijke Rijkdommen.

  • De lagen in deze datasetserie geven een overzicht van de actieve ontginningen in Vlaanderen die een milieu-/omgevingsvergunning (rubriek 18) hebben. Er is ook een kaartlaag die de ontginningstoestand weergeeft per jaar, alsook een kaartlaag die het onderzoeksareaal voor het Certificaat van herkomst en de fasering van het werkplan weergeeft.

  • De laag geeft alle kadastrale percelen weer waarvoor een milieuvergunning (VLAREM II 5.18) is toegekend, gecombineerd met een aanduiding die de ontginningstoestand (01/01/2015) weergeeft.

  • Deze laag geeft per uitgegeven (milieu/omgevings)vergunning de verzameling van kadastrale percelen weer waarop deze van toepassing is.

  • De laag geeft alle kadastrale percelen weer waarvoor een milieuvergunning (VLAREM II 5.18) is toegekend, gecombineerd met een aanduiding die de ontginningstoestand (01/01/2014) weergeeft.

  • Het 'Delfstoffenmodel Leem' is het eerste voxelmodel dat opgemaakt is door VITO in opdracht van de Vlaamse overheid, Departement LNE, afdeling Natuurlijke Rijkdommen. Het volumemodel geeft de Quartaire (niveo)-eolische leemafzettingen weer in Vlaanderen. Deze leemafzettingen maken deel uit van de oost-west georiënteerde Europese leemgordel. Deze sedimenten zijn nog steeds belangrijk in de baksteen, en meer algemeen, de keramische industrie. Deze laat-Pleistocene leemafzettingen komen voor in het zuidelijk deel van Vlaanderen en bedekken oudere Quartaire en Neogene en Paleogene sedimenten. Het model deelt het leempakket op in volume-eenheden van 100*100*0.5m. Het model wordt ontsloten via de Delfstoffenverkenner op DOV.

  • De kaart geeft - binnen de (niveo-)eolische leemvoorkomens in Vlaanderen - de dikte en de lithologie weer van de verschillende afzettingen tijdens het Pleistoceen. Overige leemtypes, zoals fluviatiele leem en verweringsleem zijn niet in beschouwing genomen.

  • De grondwaterstandindicator geeft een beeld van de huidige stijghoogte van het grondwater ten opzichte van het verleden. De analyse van de stijghoogtegegevens is gebaseerd op maandelijkse peilmetingen door de VMM. Deze analyse houdt in dat, per peilfilter, de stijghoogte van de laatste maand vergeleken worden met de stijghoogtes van die maand in de afgelopen jaren. Tegelijkertijd wordt er bepaald of er een relatieve stijging of daling is opgetreden tussen de voorlaatste en de laatste maand. De gegevens worden in een kaart en een aantal grafieken verwerkt. Hierdoor krijgt men een beeld van hoe hoog of hoe laag de stijghoogte is vergeleken met dezelfde periode in de voorbije jaren en of het al dan niet aan het normaliseren is. Momenteel worden enkel de freatische aquifers besproken. De peilfilters van het primair meetnet met continue meetreeksen van 11 jaar of meer en met een gemiddelde stijghoogte van 10 m-mv of minder worden voor de analyse weerhouden. De stijghoogtes van deze peilfilters geven het meest getrouwe beeld weer van de recente klimatologische variaties en deze kunnen getoetst worden aan een relatief lang verleden. Maandelijks wordt een nieuw beeld van de grondwaterstandindicator opgemaakt.

  • De lagen in deze serie geven per jaar alle kadastrale percelen weer waarvoor een milieu-/omgevingsvergunning (VLAREM II 5.18) is toegekend, gecombineerd met een aanduiding die de ontginningstoestand weergeeft.

  • Vergunningen verleend voor het winnen van grondwater kunnen gevisualiseerd en bevraagd worden in de Databank Ondergrond Vlaanderen. Sinds 1999 zijn vergunningen verleend volgens de VLAREM-wetgeving. Ze zijn ingedeeld in klasse 1, 2 of 3, waarbij er voor klasse 1 en 2 een vergunningsplicht geldt en voor klasse 3 een meldingsplicht. De indelingslijst is terug te vinden in VLAREM I (het winnen van grondwater is opgenomen onder rubriek 53). Oudere aanvragen zijn verleend volgens het Grondwaterdecreet. Deze zijn ingedeeld in categorie A, B en C.