Grondwatermeetnetten

Grondwatermeetnetten staan in functie van uitgebreide monitoringprogramma's met de bedoeling een goed beeld te krijgen van de beschikbare grondwaterkwantiteit en grondwaterkwaliteit van de watervoerende lagen in Vlaanderen.

Situering

In de Databank Ondergrond Vlaanderen zijn verschillende grondwatermeetnetten opgenomen. Deze meetnetten staan in functie van uitgebreide monitoringprogramma's met de bedoeling een goed beeld te krijgen van de beschikbare grondwaterkwantiteit en grondwaterkwaliteit van de watervoerende lagen in Vlaanderen.


Algemeen kan gesteld worden dat de grondwatermeetnetten een belangrijk beleidsinstrument vormen : 

  • ter onderbouwing van het te voeren grondwaterbeleid;
  • ter onderbouwing van het te voeren bodembeleid;
  • met het oog op het onderling afstemmen van het grond- en oppervlaktewaterbeheer;
  • ter ondersteuning bij het adviseren van vergunningsaanvragen voor grondwaterwinning;
  • bij het beantwoorden van juridische vragen;
  • bij de berekening van de effecten van peilverlagingen;

De toepassing van de Vlaamse en Europese milieuwetgeving (zoals het Decreet Integraal Waterbeleid, het Drinkwaterdecreet, de Nitraatrichtlijn, de Kaderrichtlijn Water, ) maken het noodzakelijk verschillende doelspecifieke meetnetten te implementeren. De monitoringgegevens, die van deze meetnetten afkomstig zijn, staan dikwijls in functie van beleidsondersteunde en beheersgerichte rapporteringsverplichtingen. 

Beschikbare meetnetten

Voor een betere werkbaarheid van de immense dataset is dus elke beschikbare meetput met inbegrip van de individuele meetfilters (in het geval van multilevel-putten) aan een specifiek meetnet toegekend. Hiervoor wordt onderstaanden indeling gehanteerd.

meetnet 0

oorsprong/beheerder onbekend;

meetnet 1

meetputten VMM afdeling Operationeel Waterbeheer - primair meetnet, vooral diepere meetputten, gebruikt voor kwantiteitsbeheer, kwalitatieve toestandsmonitoring en operationele monitoring, de meetfrequentie is maandelijks voor peilmetingen en jaarlijks voor kwaliteitsmetingen;

meetnet 2

meetputten VMM afdeling Operationeel Waterbeheer - vooral diepere meetputten (initieel onderdeel van het primair meetnet) met onzekere kwaliteit van meetgegevens en beschikbare putinfo - zijn indicatief maar worden niet weerhouden in het kader van rapporteringsverplichtingen;

meetnet 3

meetputten VMM afdeling Operationeel Waterbeheer - gebruikt voor tijdelijke projecten;

meetnet 4

meetputten van andere Vlaamse en Belgische overheden of instanties;

meetnet 5

meetputten van drinkwater­maatschappijen;

meetnet 6

meetputten van privé-bedrijven;

meetnet 7

grondwaterwinningsputten (pompputten);

meetnet 8

meetputten VMM afdeling Operationeel Waterbeheer – freatisch meetnet, vooral ondiepe meetputten in de eerste watervoerende laag en hoofdzakelijk in landbouwgebied, maar ook in natuurgebieden (nummers beginnen met N/), gebruikt voor kwalitatieve toestandsmonitoring en operationele monitoring, de meetfrequentie is twee keer per jaar, voor peilmetingen en kwaliteitsmetingen;

meetnet 9

peilputten uit de WATINA-databank van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO).

WATINA (WATer IN NAtuur) is een databank waarin INBO zoveel mogelijk waterpeil- en hydrochemische gegevens van Vlaamse natuurgebieden tracht te verzamelen. Het kan gaan om peilputten in eigen beheer, maar ook peilputten afkomstig van andere overheidsinstanties (ANB, VLM, Provincies, …), natuurverenigingen (Natuurpunt, vzw Durme, …) en/of studiebureau’s. 

Het gaat vrijwel altijd om ondiepe freatische peilputten met een beperkte diameter (meestal 5 cm), doorgaans met een filter van een halve meter die niet meer dan 5 meter diep zit . De peilputten in WATINA bestaan hoofdzakelijk uit piëzometers (onderste 30-50 cm geperforeerd onder het maaiveld) en een enkele keer uit grondwaterstandsbuizen (volledig geperforeerd onder het maaiveld). Dit type peilputten wordt in natuurgebieden vaak geplaatst om de ondiepe grondwaterstand op te volgen die direct van belang is voor de optimale ontwikkeling van grondwaterafhankelijke vegetatietypen.

De meetfrequentie is meestal tweewekelijks in het geval van handmetingen en dagelijks voor metingen met een datalogger/druksonde. In gebieden onder getijde-invloed gebeuren er frequentere metingen, maar deze zijn niet beschikbaar via het DOV-portaal. De lengte van de tijdreeksen varieert van enkele maanden tot meerdere decennia (bv. Kalmthoutse heide vanaf 1968 en Westhoek vanaf 1975).

Hydrochemische variabelen zijn doorgaans beperkt tot pH, elektrische geleidbaarheid en de macro-elementen: Ca, Cl, Fe, HCO3, K, Mg, Na, N-NH4, N-NO2, N-NO3, P-PO4 en SO4.

Gedetailleerde boorbeschrijvingen worden bij het plaatsen van de buizen meestal niet gemaakt, maar er worden vaak wel een aantal belangrijke kenmerken van de ondergrond genoteerd die helpen bij het interpreteren van de meetresultaten achteraf. Deze gegevens zijn niet terug te vinden in het DOV-portaal, neem daarvoor contact op met het INBO.

meetnet 10

putten die worden aangelegd in de VLAREM rubriek 55 (Verticale boringen ten behoeve van de aanleg van peilputten en voor andere doeleinden, andere dan deze bedoeld in de rubrieken 53, 54 en 55.2; diepteboringen);


Per uitzondering kunnen meetputten ook in twee verschillende meetnetten voorkomen, met name zowel in meetnet 1 als in meetnet 2. De toekenning gebeurt op niveau van de meetfilters. In het geval van bijvoorbeeld een defecte filter van een multilevel-put, wordt alleen deze filter aan meetnet 2 gekoppeld, terwijl de rest van de put bij meetnet 1 blijft. 

Meetnetten aangeboden op DOV

Alle meetputten van meetnet 1 (primair meetnet) en van meetnet 8 (freatisch meetnet) zijn op dit ogenblik in de databank aanwezig. Deze kunnen in de Verkenner gevisualiseerd en bevraagd worden via de puntenlaag 'Grondwatermeetnetten'. De metingen die in deze putten zijn uitgevoerd kunnen ook in de Verkenner geraadpleegd, gevisualiseerd en gedownload worden. Hier staat uitgelegd hoe je grote hoeveelheden metingen kan verkrijgen.   
De peilmetingen van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek zijn toegevoegd in DOV onder meetnet 9. Meer informatie over het grondwatermeetnet van INBO is te vinden op http://www.inbo.be

Onder meetnet 3 (tijdelijke projecten) zijn metingen terug te vinden van verschillende tijdelijke studies en opdrachten. Zo zijn er peilmetingen en analyseresultaten in terug te vinden van de studies in opdracht van de Afdeling Water rond de ecologische inventarisatie en visievorming van verschillende stroomgebieden in het kader van het integraal waterbeheer. 
Andere gegevenssets zijn momenteel in voorbereiding en worden stelselmatig na kwaliteitscontrole en afhankelijk van de vertrouwelijkheid van de gegevens aan de databank toegevoegd.
 

Andere grondwatermeetnetten (worden niet via DOV aangeboden)

Daarnaast kan gebruik worden gemaakt van de resultaten van verschillende andere grondwatermeetnetten:

  • controleputten van drinkwaterwinningen,
  • peilputten van exploitanten van belangrijke grondwaterwinningen en/of verontreinigende industrieën opgelegd in de vergunningsvoorwaarden,
  • peilputten van het SCK-meetnet (Studiecentrum voor Kernenergie),
  • meetgegevens van de VLM (Vlaamse Land Maatschappij),
  • monitoring in gebieden waar ingrepen gepland en/of uitgevoerd worden (bv. TGV)
  • meetnetten ontstaan naar aanleiding van de opmaak van milieueffectrapporten (MER),
  • peilputten van AWZ (Administratie Waterwegen en Zeewezen),
  • peilmetingen van BGD (De Belgische Geologische Dienst),
  • gegevens van OVAM (rond stortplaatsen, rond verontreinigde sites, ),
  • monitoring in het kader van strikt wetenschappelijk onderzoek
  • meetnet om verzilting op te volgen in het kustgebied,
  • ...

Er moet echter aandacht besteed worden aan de representativiteit en vergelijkbaarheid om de resultaten van deze meetnetten te koppelen aan de meetnetten van VMM. Deze zijn immers allen volgens specifieke richtlijnen en randvoorwaarden geïnstalleerd.